Onderzoek

AI voor de luisteraar

Waar staan we nu? Een onderzoek dat 3 maanden loopt, een maand per stap: van synthetische podcasts naar een redactiesysteem dat ter plekke gebouwd wordt

Dit onderzoek loopt in augustus, september en oktober. Elke maand komt er een deel bij, en pas samen vormen ze een geheel. Deel één is nu halverwege. Hieronder alvast het plan, zodat je kunt meekijken terwijl het nog niet af is.

Bij VPRO Medialab werken we verkennend voor omroep VPRO. Dat betekent: niet wachten tot een technologie uitontwikkeld is, maar nu al uitproberen wat er gebeurt met het maakproces én met de kijk- en luisterervaring als AI zich ermee gaat bemoeien. Dat zijn twee kanten van dezelfde beweging. Aan de ene kant verandert het werk van de redactie: research, selectie, montage, presentatie. Aan de andere kant verandert wat het publiek krijgt voorgeschoteld, en wat het publiek zelf kan sturen. Dit drieluik brengt die beweging in kaart door hem te maken — niet door erover te speculeren.

Deel één: het podcast-onderzoek (augustus)

Het eerste deel gaat over synthetische podcasts: audio die niet is opgenomen maar gegenereerd. Een tool als NotebookLM is daar verrassend goed in. Er zit een soort geheim recept in waarmee ruwe input wordt omgezet in een gesprek waar je echt naar wilt luisteren. Maar er komt niets nieuws uit. Er worden geen conclusies getrokken die niet al in de input zaten. Alles hangt dus af van wat je erin stopt — en dat is precies het redactionele moment.

Daar begint het onderzoek. Wie bepaalt welke bronnen erin gaan? Vroeger googelde je, en hoopte je dat de juiste hits bovenaan stonden. Nu voer je een voorgesprek met een AI, als een soort redacteur die met je meedenkt over welk materiaal je nodig hebt. Maar dan komt de vraag erachter: welk wereldbeeld bevraag je eigenlijk? Vroeger kon je kiezen tussen Google en DuckDuckGo. Nu kies je tussen Amerikaanse, Chinese en Europese modellen, tussen slimme en domme modellen, en die keuze zit in alles door wat er uiteindelijk uit je speakers komt. Dat is geen technisch detail meer, dat is een redactionele beslissing.

Ik onderzoek dat door het te doen: dezelfde vraag door een heel goed model en door een heel slecht model, alle varianten uitproberen, de hele boom aan mogelijkheden aflopen. En ik bouw ondertussen een podcaststudio waarin dat kan: stemmen die je start en mute, een AI die meeluistert maar alleen praat als je op een knop drukt, of juist een AI die de host is en jou interviewt. Met templates, want een host heeft een andere prompt nodig dan een gast. Ook de vraag hoe je luisteraars live bij een uitzending betrekt hoort hierbij: een AI-redacteur kan met duizend mensen tegelijk praten, dat samenvatten en terugkoppelen aan de studio — met een eigen stem, of via een menselijke redacteur die even kijkt of de AI nog iets heeft gezien.

De uitkomsten gaan drie kanten op: naar luisteraars, naar redacteuren en naar techneuten. Voor redacteuren is dat nadrukkelijk geen mededeling dat alles verandert. Er hoeft niets te veranderen; het mag ook gewoon op de oude manier, en het is nog maar de vraag of AI-redactiewerk werkt. Dat is precies wat we uitzoeken. En voor luisteraars is het geen aankondiging maar een vraag: heb je hier wat aan, wil je dit, wil je zelf een rol spelen of juist niet? Vind je het prettig om te weten dat de redacteur voor een deel AI is — of maakt dat het juist ongemakkelijk, ook als het gesprek goed is en de stemmen fijn klinken? Dat onderzoek is participatief. Je kunt meeluisteren, vergelijken en laten weten wat je ervan vond.

Deel twee: het klaarzetten (september)

Deel twee is de conclusie waar deel één technisch toe leidt. Ik heb geprobeerd alles in één systeem te stoppen, en dat systeem werd monsterlijk complex. Honderd kant-en-klare systemen maken helpt ook niet, want mensen willen altijd net iets anders.

De uitweg heet voorlopig vibe coding — ik zoek nog een betere naam. In plaats van een systeem bouw ik geen systeem. Ik bouw zelfs geen generator. Ik zet alleen de intentie klaar, plus een set skills en prompts, en een beschrijving van hoe je met zoiets omgaat. Daarmee kan een AI-agent zelf de studio in elkaar zetten die iemand op dat moment nodig heeft, binnen een uur, zonder ingewikkelde knoppen. Je hoeft niet eens één studio te hebben die je altijd gebruikt: je tuigt er per gelegenheid een op.

De hele boom aan mogelijkheden en keuzes uit deel één — wat werkt, wat niet, welke afwegingen erbij horen — vertaal ik naar bestanden die zo'n agent kan lezen. Zegt een redacteur "ik zou het publiek willen betrekken", dan weet de agent al wat de opties zijn en waar het eerder misging, en kan hij op dat niveau meepraten. Wat daarmee wegvalt is de last die software altijd met zich meebracht: het moest onderhouden worden, en je moest het snappen. Zie ook Wegwerp software.

Deel drie: de praktijktest (oktober)

In oktober gaat het naar buiten, naar de Dutch Design Week. Een enorm evenement, heel veel mensen, heel veel kennis, veel te veel om als één menselijke redacteur verslag van te doen. Je kunt jezelf niet opsplitsen. Dus: wat zou je in een ideale situatie wénsen van een redactiesysteem als je live verslag doet vanaf een plek waar op tien plaatsen tegelijk iets gebeurt? En kun je dat systeem dan ter plekke laten bouwen, in een gesprek, op het moment dat je het nodig hebt?

De designweek is het moment waarop deze hele gedachtegang in de praktijk wordt gebracht. Dan blijkt of het klopt, of het werkt, en of iemand er iets aan heeft.

Het onderzoek loopt nu. Deel één is nog niet af, deel twee wordt klaargezet en deel drie moet zich nog bewijzen. De wereld staat ondertussen ook niet stil: de modellen veranderen, de mogelijkheden nemen toe, en sommige conclusies van vorige maand zijn volgende maand achterhaald. Precies daarom publiceer ik onderweg. Er volgen binnenkort meer updates, met opnames om naar te luisteren en te vergelijken.